De plek waar Helden worden geboren
29 december, 2016
Korfbal Leaguefinale 2007: Held vol vertrouwen
8 februari, 2017

Korfbal Leaguefinale 2006: Held in de rebound

Bij finales horen Helden. Mannen en vrouwen die op de beslissende momenten in een wedstrijd opstaan en de supporters in vervoering brengen. Maar soms zijn de Helden ook diegenen die het mogelijk maken dat een ander kan uitblinken. Helden zijn er in allerlei vormen en Korfbal. zet tot aan de finale in Ziggo Dome wekelijks een Held in het spotlicht. In aflevering 1 Haralt Lucas, de Held in de rebound van DOS’46 in 2006.

In de allereerste editie van de Korfbal League bleek PKC/SWKGroep oppermachtig gedurende het reguliere seizoen. De Papendrechters finishten bovenaan met 31 punten. DOS’46 (25 punten), Fortuna/Delta Logistiek (23) en Dalto/BNApp.nl (21) volgden op gepaste afstand, maar staken er nog steeds ver bovenuit ten opzichte van de rest. In de kruisfinales verbaasde Dalto vervolgens vriend en vijand door met PKC af te rekenen, terwijl DOS’46 net een maatje te groot bleek voor Fortuna. Zo speelden de nummers twee en nummers vier van de competitie de eerste Korfbal Leaguefinale in Ahoy.

In die eindstrijd was DOS’46 oppermachtig. Aan de hand van een fenomenale André Kuipers (11 goals) en een geweldige Casper Boom (8 treffers) had Dalto niks in te brengen. De Nijeveners wonnen met 29-19; nog steeds het grootste verschil ooit in een finale van de Korfbal League.

Haralt Lucas – nu 36 jaar oud – was in die periode de secondant van Kuipers. Of zoals hij na afloop van de finale tegen De Stentor zou vertellen: “Mijn specialiteit is de rebound, maar door Kuipers heb ik dat amper kunnen laten zien. Ik geloof dat hij geen bal gemist heeft.”

Voor Lucas was het behalen van de League finale sowieso al bijzonder. “Mijn ouders speelden in de laatste kampioensploeg van DOS’46 op dat moment. In 1982 werden zij in De Rijnhal in Arnhem, waar toen nog de finale werd gespeeld, landskampioen door met 10-8 van Deetos te winnen. Ik was op dat moment pas twee jaar oud, dus ik heb dat niet bewust meegemaakt. Maar natuurlijk heb ik wel zwart-wit beelden gezien en verhalen gehoord.”

Die prestatie van zijn ouders evenaarde Haralt dus 24 jaar later, waarmee hij als jongen van de club en het dorp zelf voor altijd een held werd. “Bijzonder, dat had ik echt nooit durven dromen. Bij DOS’46 heb je natuurlijk het muurtje van de Grifteside en vanaf het moment dat ik daaroverheen kon kijken stond ik daar met de droom om ooit in DOS’46 1 te spelen.”

“Veel mensen vragen hoe het was om vervolgens zelf die finale te spelen. Natuurlijk is het een enorme eer dat je zoveel later in dezelfde situatie verkeert en met je eigen club de finale op het hoogste niveau speelt. Het jaar daarvoor, toen er nog twee Hoofdklasses waren, hadden wij de finale tegen PKC gespeeld en werden we echt van de vloer geveegd. Maar toen hadden wij eraan geroken, en die ervaring neem je mee als je weer die finale haalt.”

“Wat ik nog van die dag weet? Een uitmuntende Andre”, lacht Lucas. “Ik ben zelf voorzichtig, ik juich niet te vroeg. Dan krijg ik altijd het beeld voor me van een juichende wielrenner die in de sprint nog wordt ingehaald. Maar in de tweede helft zie je dat je een enorm gat slaat en de koppies omlaag gaan bij Dalto. Ze kwamen enkel nog tot wanhoopspogingen. Gaandeweg de tweede helft heb je wel door ‘dit is kassa’, en daardoor kan je optimaal genieten van alles wat er om je heen gebeurt. Dat krijg je veel bewuster mee.”

Vooral de supporters zijn Lucas goed bijgebleven. Tijdens de wedstrijd liep het vak met supporters uit Nijeveen langzaamaan leeg om zich langs het veld te verzamelen. Bij het laatste fluitsignaal neemt een rood-zwart monster vervolgens de vloer in beslag. “Kippenvel”, omschrijft Lucas, die uiteraard op de schouders ging, dat moment. “Je probeert met de staf en spelers elkaar te zoeken, maar je wordt door alles en iedereen gefeliciteerd en van links naar rechts geschud. Mijn ouders waren er ook, maar die heb ik pas gezien toen iedereen een beetje tot bedaren was gekomen.”

“Of er overeenkomsten zijn tussen hun gewonnen finale en de mijne? Je probeert wel vergelijkingen te trekken, maar dat is lastig doordat je in een compleet andere tijdsfase zit. De synoniemen zijn er wel, met de vele bussen en supporters en de totale gekte in Nijeveen en omstreken. Het is een klein dorp, iedereen had het erover. Van de bakker tot de fietsenmaker, je hoort maar één gespreksonderwerp.” Nu nog wordt Lucas er regelmatig aan herinnerd hoe mooi het was en hoe heel Nijeveen die dag beleefde.

De finale in 2006 was de eerste van vier opeenvolgende finales, waarvan DOS’46 er drie won. Een unieke prestatie, al speelde PKC inmiddels al vijf achtereenvolgende finales. Daarvan wonnen de Papendrechters er echter maar twee. “Zo dominant als wij waren, die dominantie zie je nu bij PKC”, vindt Lucas toch. “Ik besef heel goed hoe uniek het was wat wij bereikt hebben. Daar ben ik ontzettend trots op. Bovendien houd je er mooie vriendschappen aan over, aan zo’n intensieve periode samen. We gaan nog steeds één keer per jaar een weekend weg met die groep, en dan hebben we het er nog wel eens over hoe bijzonder het is dat we zolang zo dominant zijn geweest.”

Dat is een onderwerp waar Lucas, die in 2011 stopte als speler en tegenwoordig assistent-trainer is van Daniel Hulzebosch bij zijn DOS’46, het ook met zijn groep over heeft. “We moeten ervoor gaan om terug te keren naar de top. We hebben het niveau nog niet om in de Ziggo Dome te spelen, maar we hebben wel iets in huis waarmee dat op termijn mogelijk is. Ik heb vertrouwen in deze groep. Het is een heel jonge selectie die langzamerhand begint te groeien naar een volwassenere fase. Als we dit bij elkaar houden met wat doorgroei vanuit junioren of buitenaf, kan je iets creëren waarbij je mee kan doen om bovenste plekken.” Wie weet wat voor Helden dat Nijeveen in de toekomst oplevert.

Bekijk hier nog eens alle doelpunten van de finale uit 2006!

Wil jij de Helden van 2017 geboren zien worden? Koop dan nu snel je kaarten voor de finale van 8 april in de Ziggo Dome in Amsterdam!